Formeel
strafrecht
Strafvordering heeft als doel zoeken en vinden van de waarheid.
Verdachte
|
verdachte |
Voordat de vervolging is begonnen |
Degene te wiens aanzien uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit voortvloeit |
||
|
Nadat de vervolging is begonnen |
Degene tegen wie de vervolging is gericht |
|||
|
Voorwaarden voor de verdenking |
ü concrete feiten of omstandigheden ü redelijk vermoeden van schuld ü enig strafbaar feit |
|
||
Heterdaad ontdekking het strafbare feit wordt ontdekt terwijl het begaan wordt of terstond direct erna.
Afgesleten heterdaad het strafbare feit
wordt op heterdaad ontdekt echter de verdachte maakt zich uit de voeten, zolang de
opsporingsambtenaar onafgebroken met een bepaalde zaak bezig is, is er sprake van ontdekking op heterdaad.
Opsporingsambtenaren Hier onder word verstaan alle personen met de opsporing van het strafbare feit belast
|
|
|
|
De algemeen opsporingsambtenaar Art. 141 WvSv |
De buitengewoon opsporingsambtenaar Art. 142 WvSv |
|
A. Individuele aanwijzing B. Categoriale aanwijzing C. Aanwijzing bij bijz. wetten of verordeningen |
Hulpofficieren van Justitie: zijn taak is om leiding te geven aan opsporingsonderzoeken en hierover zo nodig te overleggen met de
officier van justitie. Dit kunnen ook buitengewoon opsporingsambtenaren zijn.
Bevoegdheden van de opsporingsambtenaar
Opsporingsbevoegdheden
en toezichtbevoegdheden
Opsporingsbevoegdheden zijn opgenomen in het WvSr en kunnen alleen worden toegepast als er een redelijk vermoeden bestaat dat een
strafbaar feit gepleegd is of wordt gepleegd Het doel is waarheidsvinding in een strafzaak.
Toezichtbevoegdheden (Algemene wet bestuursrecht en bijz. wetten) dit zijn alle bevoegdheden van iemand die als toezichthouder voor
een bepaalde wet is aangewezen. Dit is nog de fase waarin nog niets aan de hand is. (geen verdenking).
Onrechtmatig verkregen bewijs is bewijs dat verkregen is op het moment dat er nog geen sprake was van een verdachte
De
volgende beginselen zijn van belang voor een rechtmatig optreden (behoorlijke
procesorde):
• Het proportionaliteitsbeginsel. De bevoegdheid die de opsporingsambtenaar uitoefent moet in verhouding staan tot het doel.
• Het subsidiariteitsbeginsel. Doel bereiken op de manier die het minst ingrijpend is. (Bijv. Als de persoon meerdere
verdedigingsmiddelen tegen een aanvaller tot zijn beschikking heeft moet hij de minst ingrijpende gebruiken)
• Fair Play. De opsporingsambtenaar moet voor het bereiken van zijn doel de verdachte eerlijk behandelen.
• Verbod van misbruik van bevoegdheden/détournement de pouvoir. (De opsporingsambtenaar mag geen bevoegdheden uit een wet
gebruiken om een doel uit een andere wet te bereiken.) Als er sprake is van onrechtmatig optreden dan is er sprake van onrechtmatig
verkregen bewijs.
Voortgezette toepassing Treft de opsporingsambtenaar bij een rechtmatig ingestelde bevoegdheid toevallig (en ongezocht) ander
bewijsmateriaal aan, dan is ook dat rechtmatig aangetroffen (Geweerarrest).
Vrijwilligheid Eisen voor de vrijwillige medewerking zijn:
• De toestemming moet blijken.
• De betrokkene moet zich bewust zijn van het feit dat hij van bepaalde rechten afziet.
• De toestemming moet in vrijheid zijn gegeven.
Medewerking door verdachte De verdachte moet toelaten dat de opsporingsambtenaar zijn bevoegdheden uitoefent. Men noemt
dit de zogenaamde gedoogplicht. Verzet hij zich
hierbij met geweld dan zal hij zich schuldig maken aan het misdrijf wederspannigheid.
De verdachte hoeft niet mee te werken aan
zijn eigen veroordeling hij mag zwijgen, wat de naam betreft mag hij ook
zwijgen en als hij
deze wel zegt moet het wel de juiste gegevens
zijn.
|
Aangifte is een kennisgeving van een strafbaar feit. |
Klacht is een aangifte met verzoek tot vervolging. |
|
ü Aangifte geschied op schrift en ondertekend ü Door een bevoegde ambtenaar, die bevoegd is het strafbare feit, waar aangifte van gedaan word, op te sporen. Is verplicht deze op te nemen ü Een aangifte van overtreding verjaard naar 2 jaar ü Geen leeftijd grens |
Er zijn een aantal misdrijven, waarbij met een aangifte niet kan worden volstaan, er moet dan een klacht worden ingediend. Zonder deze klacht kan geen opsporingsonderzoek worden ingesteld. absolute klachten delicten is de klacht altijd nodig (bijvoorbeeld eenvoudige belediging). relatieve klachten delicten is in de regel geen klacht vereist. is alleen nodig als er tussen de dader of de medeplichtige en de benadeelde een bepaalde graad van verwantschap bestaat. Tot het ontvangen van een klacht is elke Officier en elke hulpofficier van justitie bevoegd en verplicht. Leeftijd is vanaf 16 kan je een klacht indienen. |
|
Een valse aangifte of klacht is strafbaar. Een klacht kan tot 8 dagen na haar indiening worden ingetrokken. Een aangifte kun je niet intrekken. |
|
Dwangmiddelen mag je alleen toepassen als er in beginsel sprake moet zijn van een verdachte of verdenking.
Verdachte
is, voordat de vervolging is begonnen aangemerkt, degene te wiens
aanzien uit Feiten of Omstandigheden een
REDELIJK VERMOEDEN van SCHULD aan enig STRAFBAARFEIT voortvloeit.
Dwangmiddelen ten aanzien van de persoonlijke vrijheid
elke vorm van vrijheidsbeneming is geregeld in een wet dit staat in de grondwet.
Staande
houden
Iedere opsporingsambtenaar is bevoegd om een verdachte staande te houden. Staande houden wil zeggen kort ter plaatse houden,
wanneer de verdachte zich tracht te verwijderen kan de opsporingsambtenaar hem tot staande blijven dwingen. De verdachte is niet
verplicht om op de gestelde identiteitsvragen antwoord te
geven. Onder een aantal
voorwaarden mag de opsporingsambtenaar de
verdachte aan de kleding onderzoeken en ook zijn bagage om zijn identiteit vast te stellen. Als dat geen succes oplevert kan hij de
verdachte aanhouden en voorgeleiden aan de (hulp)officier van justitie, mits de verdachte op heterdaad is betrapt, of wordt verdacht
van een feit waarop voorlopige hechtenis is toegelaten. weigering is niet strafbaar. Het opgeven van verkeerde identiteitsgegevens is
wel strafbaar. In officiële stukken, zoals het
proces-verbaal van een buitengewoon
opsporingsambtenaar, moet de gehuwde vrouw
met haar eigen naam worden vermeld. Een minderjarige moet v.w.b. de woonplaats de wettelijke vertegenwoordiger volgen.
Een getuige mag niet worden staande gehouden.
Toonplicht identiteitsbewijs.
Art2 van de Wet op de identiteitsplicht, verplicht een ieder die de leeftijd van veertien jaar heeft bereikt, op eerste vordering van
bepaalde bij de wet aangewezen ambtenaren zijn identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden.
In artikel 92 Wet Personenvervoer is de verplichte identificatie, vanaf 12 jaar, van diegene die op zwart rijden word betrapt.
Aangewezen legitimatiebewijzen
ü Een geldig nationaal paspoort van het koninkrijk der Nederlanden
ü Een geldige Identiteitskaart
ü Een geldige Rijbewijs
Inzage vorderen van identiteitsbewijs alleen ambtenaren aangesteld voor de uitvoering van de politie taak en buitengewoon
opsporingsambtenaren, als redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van hun taak.
Identificatiefouillering is toegekend aan die buitengewoon
opsporingsambtenaar die beschikken over de zogenaamde
politiebevoegdheden art.8 lid 1 en 3 van de politiewet 1993.
Aanhouden is iemand zijn vrijheid ontnemen met het doel hem te geleiden voor de organen van justitie en politie.
Aanhouden bij ontdekking op heterdaad Een ieder die een strafbaar feit op heterdaad ontdekt, heeft de bevoegdheid om de
verdachte aan te houden. Dit geldt zowel voor ontdekking op heterdaad van een misdrijf als van een overtreding.
Uit een uitspraak van de Hoge Raad blijkt dat heterdaad zich uitstrekt over een periode van bijna 30 uren.
Onverwijld over dragen Burgers kunnen de verdachte overdragen aan een opsporingsambtenaar met evt. inbeslag
genomen voorwerpen, de opsporingsambtenaar zorgt dat de verdachte ten spoedigste voorgeleid wordt bij de (h)Ovj.
Een (h)Ovj die aanhoudt hoeft niet voor te geleiden aan een (h)Ovj,
Dan kan de verdachte overgebracht worden naar plaats van verhoor.
Aanhouden
bij ontdekking buiten heterdaad
Opsporingsambtenaren mogen dit uitsluitend doen als het optreden van de (h)Ovj niet kan worden afgewacht.
Het
kan dan alleen voor
strafbare feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten
(dit is in ieder geval toegelaten voor misdrijven waarop een gevangenisstraf van 4 jaar of meer is gesteld,
bijvoorbeeld
verduistering, oplichting, flessentrekkerij e.d.).
|
Kan optreden Ovj worden afgewacht |
ja |
1ste bevoegde Ovj houdt aan |
|
|
|
nee |
Kan de hOvJ worden afgewacht? |
Ja |
2de bevoegd hOvJ houdt aan |
|
|
|
|
|
nee |
3de bevoegde Opsporingsambtenaar houdt aan TENZIJN de (h)Ovj niet kan worden afgewacht. |
Vervolging van de verdachte begint op het moment waarop een rechter in de zaak wordt betrokken.
Voorgeleiding de (h)Ovj moet toetsen of de aanhouding rechtmatig is, de opsporingsambtenaar en de verdachte word gehoord.
Is het onrechtmatig moet de verdachte onmiddellijk in vrijheid worden gesteld, in het andere geval zal de verdachte
op bevel worden opgehouden voor onderzoek. Nu begint de termijn van 6 uur,
ophouden voor onderzoek.
1ste termijn van ophouden.
het onderzoeken van de verdachte van zijn betrokkenheid bij het Strafbare feit, en evt. vaststellen van zijn identiteit.
Het bevel tot ophouden voor verhoor wordt gegeven door (h)Ovj.
De verdachte wordt gehoord en er worden evt. foto cq video, vingerafdrukken en lichaamsmaten genomen ter identificatie.
De duur is Max. 6 uur de uren van 0:00 – 9:00 tellen niet mee.
Het verhoor =
het stellen van vragen door een opsporingsambtenaar aan de verdachte over diens betrokkenheid bij het strafbare feit,
de identiteit vragen vallen hier niet onder.
Diegene die het verhoor afneemt, moet zich onthouden van alles waarvan achteraf gezegd kan worden,
dat het ervoor heeft gezorgd dat de verdachte zijn verklaring niet in vrijheid heeft afgelegd. De verdachte hoeft geen verklaring af te
leggen, dit is hem voor het verhoor doormiddel van de cautie medegedeeld, en moet vermeld worden in het proces verbaal.
De verklaring van de verdachte moet zoveel mogelijk in zijn bewoordingen in het proces verbaal komen.
2de termijn van ophouden.
het bevel voor verlenging wordt gegeven door (h)Ovj en gebeurt alleen als de identiteit niet bekend is van de verdachte van strafbaar feit,
waarvoor geen voorlopige hechtenis op staat.
De duur is Max. 6 uur de uren van 0:00 – 9:00 tellen niet mee.
En zeker geen verhoor meer. er worden evt. foto cq video, vingerafdrukken en lichaamsmaten genomen ter identificatie.
Inverzekeringstelling en verlenging inverzekeringstelling Alleen bij strafbare feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten en
het in belang is van het onderzoek. De (h)Ovj maakt het bevel tot inverzekeringstelling.
De duur is maximaal 3 dagen en kan nog eens 3 dagen worden verlengd.
Inbewaringstelling indien op bepaalde gronden noodzakelijk blijkt dat de verdachte niet in vrijheid wordt gesteld, de
rechter-commissaris op vordering van de Ovj, de Max.
Duur is 14 dagen.
Termijnen van ophouden in
nummers
6 uur 6 uur 3 dagen 3 dagen 14 dagen in hechtenis 90 dagen
Rechten
verdachte bij het verhoor
• Niet tot antwoorden verplicht/zwijgrecht/cautie.
• Bijstand van een raadsman.
• Kennisneming van bepaalde processtukken.
Bijstand
van een raadsman
A) vrije toegang tot de verdachte, die rechtens zijn vrijheid is ontnomen (ook de verdachte die is aangehouden en voorgeleid maar
nog niet in verzekering is gesteld of in het geheel niet in verzekering gesteld zal worden);
B) het recht hem alleen te spreken;
C) het recht brieven met hem te wisselen, zonder dat van de inhoud daarvan door anderen wordt kennis genomen
(vrij mondeling en schriftelijk verkeer). Dit verkeer is aan drie beperkingen onderworpen:
1. het geschiedt onder het vereiste toezicht;
2. het vindt plaats met inachtneming van de huishoudelijke reglementen van de
betrokken bewaarinstelling;
3. het onderzoek mag daardoor niet worden opgehouden.
Rechtbijstand = dat een iedere verdachte, tijdens het onderzoek dat tegen hem loop, zich kan laten bijstaan door een raadsman ook
wel advocaat genoemd. De raadsman heeft vrije toegang tot de verdachte. Spreken en briefwisseling zonder dat de inhoud bekend is.
Voorwaarden voor dit vrije verkeer:
ü Moet onder vereist toezicht plaats vinden
ü Inachtneming van de huisregels van de instantie waar de verdachte is ingesloten.
ü Het onderzoek mag niet worden opgehouden.
Beperking verhoor zal gebeuren als er uit bepaalde omstandigheden een ernstig vermoeden voortvloeit dat het vrije verkeer misbruikt
zal worden, of dat er een poging is om de opsporing van de waarheid te belemmeren. Deze beperking kan voor Max 6 dagen en moet
bij de rechtbank worden voor gelegd, deze moet dan een vervangende raadsman toevoegen omdat de verdachte recht heeft op
een raadsman.
Kennisneming processtukken is een recht aan de advocaat en de verdachte. Toch kan in het belang van het onderzoek er bepaalde
stukken worden onthouden dit moet schriftelijk worden medegedeeld.
Processtukken die nooit mogen onthouden zijn:
ü Proces verbalen van verhoor van de verdachte
ü De procesverbalen van verhoren, waarvan de inhoud aan de verdachte mondeling volledig is medegedeeld.
Onderzoek aan en in het lichaam en aan
de kleding
Ambtenaren, moet van iemands lichaam afblijven, tenzij er een wettelijke bepaling is die hen de bevoegdheid geeft om inbreuk te
maken op dit grondrecht te maken
Onderzoek ter inbeslagneming van voorwerpen
|
bevoegdheid |
doel |
voorwaarden |
Door wie |
|
1.
onderzoek aan kleding |
F
aantreffen
van voor Inbeslagneming vatbare voorwerpen F
Waarheidsvinding |
F
Aangehouden
verdachte F
Ernstige
bezwaren |
opsporingsambtenaar |
|
2.
onderzoek aan het lichaam |
Ovj of hOvJ |
||
|
3.
onderzoek in het lichaam |
Ovj uitgevoerd door een
arts. |
Onderzoek aan kleding het aftasten van de kleding en als dat voor het onderzoek noodzakelijk is ook een onderzoek in kleding.
Onderzoek aan het lichaam moet op een besloten plaats en voor zover mogelijk door hetzelfde geslacht.
Het is het betasten van de buitenzijde van het lichaam en het uitwendig schouwen van openingen en holten van het boven lichaam.
Onderzoek in het lichaam mag alleen door een arts worden gedaan en de Ovj bepaald.
ü Uitwendig schouwen van openingen en holes van het onder lichaam
ü Röntgenonderzoek
ü Echografie
ü Inwendig manueel onderzoek van de openingen en holten van het hele lichaam.
|
Fouillering |
|
|
veiligheidsfouillering |
|
|
Fouillering t.b.v. strafvordering |
|
|
Identiteitsfouillering |
Onderzoek aan kleding en voorwerpen worden wel een paar voorwaarden gesteld: · Noodzakelijk voor de vaststelling van de identiteit. · In het openbaar als redelijkerwijs nodig is om wegmaking of beschadiging, van het voorwerp waaruit de identiteit van de verdachte kan blijken, te voorkomen. · Als het in het openbaar onderzoek heeft plaats gevonden moet, het hoe en waarom in het procesverbaal vermeld worden. |
Gebruik sofinummer en onderzoek aan de
kleding ter identificatie
Als de verdachte niet zijn identiteit wil vrij geven mag de algemeen opsporing ambtenaar, en BOA met politie bevoegdheid, vragen om zijn
sofi nummer, met het oog op de vaststelling van diens identiteit. Met het sofinummer kan de opsporingsambtenaar bij de basisadministratie
persoonsgegevens het zogenaamde A-nummer en de bij behorende personalia verkrijgen. Deze 2 moeten in het procesverbaal vermeld
worden, en het sofinummer moet vernietigd worden.
Inbeslagneming
is het onder zich nemen of gaan
houden van een voorwerp ten behoeve van de strafvordering, is een
dwangmiddel dat gericht
is
tegen goederen en
niet tegen de persoon.
Inbeslagneming Opsporingsambtenaren kunnen voorwerpen in beslag nemen die:
· de waarheid aan het licht kunnen brengen in het onderzoek;
· het wederrechtelijk verkregen voordeel kan aantonen;
·
de rechter verbeurd kan verklaren of aan het verkeer kan onttrekken (dit zijn
sancties v.d. strafrechter).
Verbeurdverklaring is een bijkomende straf, die wordt opgelegd om de dader wegens zijn vergrijp pijnlijk te treffen.
Onttrekking
is een maatregel die de strafrechter oplegt teneinde de samenleving te beveiligen of de toegebrachte schade weg te nemen.
Bij inbeslagneming bij ontdekking op
heterdaad kunnen
opsporingsambtenaren en burgers voor inbeslagneming vatbare
voorwerpen die de verdachte met zich voert op elke plaats (dit zijn alle besloten plaatsen, waaronder ook, onder bepaalde
voorwaarden, de woning) in beslag nemen. Een burger is niet bevoegd om ter inbeslagneming bij ontdekking
op heterdaad
een woning te betreden.
|
Inbeslagneming mogelijk? |
|
|
|
Voorwerp vatbaar? |
nee |
Geen inbeslagneming |
|
ja |
|
|
|
Is betrokkene bevoegd? |
nee |
Geen inbeslagneming |
|
ja |
|
|
|
In beslag nemen. |
|
|
Vatbaarheid zijn die voorwerpen die:
ü De waarheid aan de dag kunnen brengen
ü Wederrechtelijk verkregen voordeel aan kunnen tonen
ü Verbeurd (de verdachte krijgt het voorwerp niet meer terug) kunnen worden verklaard of
ü Ontrokken (het voorwerp is in strijd met de wet of het algemene belang) kunnen worden aan het verkeer.
Bevoegdheid inbeslagneming
|
|
Inbeslagneming bij aan en staande houding |
Inbeslagneming op heterdaad en buiten
heterdaad |
|
Wie |
degene die de verdachte aanhoudt of staande houdt, |
opsporingsambtenaren |
|
Wat |
Vatbare voorwerpen |
Vatbare voorwerpen |
|
Voorwaarde |
alleen de voorwerpen die de verdachte met zich voert. |
Awob in acht nemen |
|
Wanneer |
|
Ontdekking strafbare feit op heterdaad Of verdenking misdrijf art.67, lid 1 WvSv |
Bevoegdheid bevriezingsmaatregel en
doorzoeken vervoermiddel
|
|
Bevriezingsmaatregel nemen |
Doorzoeken vervoer middel |
|
Wat |
Als redelijkerwijs nodig is om wegmaking, onbruikbaarmaking, onklaarmaking of beschadiging van de voor inbeslagneming vatbaar voorwerpen te voorkomen. |
Doorzoeken van een vervoermiddel, met uitzondering van het woongedeelte zonder toestemming van de bewoner. |
|
Wie |
Opsporingsambtenaar |
Opsporingsambtenaar |
|
Wanneer |
In afwachting van rechter of ambtenaar, die bevoegd is de plaats te doorzoeken |
Ontdekking strafbare feit op heterdaad Of verdenking misdrijf art.67, lid 1 WvSv |
|
Doel |
Inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen |
Inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen |
|
Bijzonderheid |
Vrijheid van personen die ter plaatse zijn kunnen worden beperkt. |
|
|
Extra bevoegdheid |
|
ü Toegang voertuig verschaffen ü Vorderen van bestuurder om het voertuig tot stilstand te brengen ü Voertuig naar aangewezen plaats overbrengen |
De uitlevering bevel
|
Wat |
Uitlevering bevelen ter inbeslagneming van een voor inbeslagneming vatbaar voorwerp |
|
Bij wie |
Een persoon die redelijkerwijs moet worden vermoed houder van dat voorwerp te zijn. |
|
Door wie |
Opsporingsambtenaar |
|
Wanneer |
ü Verdenking art 67, lid 1 WvSv ü Op en buiten heterdaad |
|
Doel |
Inbeslagneming van het betreffende voorwerpen |
|
Beperking |
Bevel mag niet gegeven worden aan verdachte |
Afhandeling inbeslag genomen voorwerpen
Van de inbeslagneming moet procesverbaal worden opgemaakt en de persoon bij wie een voorwerp in beslag is genomen moet een bewijs
van ontvangst worden uit gereikt. Verder moet het voorwerp als het niet meer nodig is en de verwachting is niet dat het ontrokken aan het
verkeer of verbeurt verklaart wordt moet het om het voorwerp terug geven aan degene waar het inbeslag is genomen, of aan een ander als
degene waar het inbeslag is genomen schriftelijk afstand doet.
De voorwerpen die niet terug gegeven worden en die kunnen worden opgeslagen worden onder gebracht bij een aangewezen bewaarder.
Deze zijn
|
De griffier |
in eerste aanleg waarvoor de zaak wordt vervolgd of vermoedelijk zal worden vervolgd. |
ü gedrukte stukken, ü edele metalen, ü verdovende middelen |
|
dienst regelingen |
|
ü levende en dode dieren |
|
hoofd van de divisie logistiek van het
KLPD |
|
ü wapens en munitie |
|
De Nederlandse munt |
|
ü munten die vermoedt worden vals, vervalst of geschonden te zijn. |
|
De Nederlandse bank |
|
ü bankbiljetten die vermoedt worden vals, vervalst te zijn. |
|
Hoofd domeinen roerende zaken |
|
ü voor alles waar geen andere bewaarder is aangewezen. |
Betreden van plaatsen
Plaats is elke plaats die kan worden
betreden.
De woning valt hier niet onder deze is beschermd in de grondwet (art 12) valt onder het HUISRECHT.
Begrip
woning een van de buitenwereld
afgesloten plaats waar iemand zijn privaat huiselijke leven leidt of pleegt te
leiden.
Huisrecht houdt in: - binnen treden in een woning zonder toestemming van die bewoner mag alleen in gevallen bij of krachtens de
wet geregeld.
F binnen treden in een woning zonder toestemming van die bewoner mag alleen door personen door de wet aangewezen
F Aan de bewoner wordt een schriftelijk verslag van binnen treden verstrekt.
De Algemene Wet op binnentreden (Awob) regelt dit.
Elk lid van een gezin wordt als bewoner gezien. Een toestemming van een ouder gaat boven de weigering van een kind.
Art 1 Awob gaat over binnen treden met en zonder toestemming van de bewoner. Degene die binnen treed moet zich altijd legitimeren
en zijn doel van binnen treden bekend maken.
Het betreden van plaatsen In beginsel is ieder lid van de huishouding gerechtigd de toegang tot de woning aan derden te ontzeggen.
Daarbij
is het niet van belang of deze bewoner meerderjarig of minderjarig is.
Het verbod prevaleert boven de toestemming
om een woning te betreden. Een opsporingsambtenaar heeft volgens art 55a WvSv de bevoegdheid om ter aanhouding van een
verdachte plaatsen te doorzoeken. Alleen;
- Bij ontdekking van een SF op Heterdaad
- Buiten heterdaad voor misdrijven waar voorlopige hechtenis op staat.
De opsporingsambtenaar heeft voor het doorzoeken van een plaats vooraf een machtiging nodig (schriftelijk of mondeling) van de
officier van justitie. In het geval van dringende noodzakelijkheid kan de officier van justitie achteraf door de opsporingsambtenaar op de
hoogte worden gesteld. De leidinggevende opsporingsambtenaar legitimeert zich altijd bij binnen treden op de machtiging die hij bij zich
heeft staan verder alle andere opsporingsambtenaren die hem vergezellen.
De legitimatie plicht en mededelingsplicht hoeft niet als er naar redelijke verwachting gevaar oplevert voor personen of goederen, feitelijk
onmogelijk is dan wel naar redelijk verwachting de strafvordering schaadt voor misdrijven waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten.
Bevoegd om zonder toestemming van de
bewoner, binnen te treden. Zonder machtiging in een woning, zijn
§
Rechters,
§
rechterlijke
colleges,
§
leden
van het openbaar ministerie en
§
Burgemeesters
§
Gerechtsdeurwaarder
In noodsituaties is het de opsporingsambtenaar toegestaan een woning te betreden zonder toestemming van de bewoner en zonder schriftelijke
machtiging. Zijn binnentreden is dan geoorloofd, op grond van een beroep op overmacht en / of noodweer.
Pas
op: De bevoegdheid
om woningen te betreden zonder toestemming van de bewoner is niet te
vinden in de Algemene wet op het
binnentreden, maar WvSv. Als in een andere
wet deze bevoegdheid wordt verleend, dan geeft de Algemene wet op het
binnentreden de
voorwaarden aan waaraan voldaan moet worden.
Personen die bevoegd zijn om een machtiging af te geven Degenen die bevoegd zijn om een machtiging af te geven zijn de:
Ø • procureur-generaal bij het gerechtshof;
Ø • officier van justitie;
Ø • hulpofficier van justitie.
De burgemeester van een gemeente is bevoegd voor niet-strafrechtelijke doeleinden een machtiging af te geven, bijvoorbeeld in het geval
een psychiatrische patiënt in een ziekenhuis moet worden opgenomen. De geldigheidsduur van deze machtiging is ten hoogste 3 volle dagen
(= tot 24.00 uur)
Na binnen treden is men altijd verplicht ( zonder toestemming van de bewoner dus);
- een schriftelijk verslag maken op ambtseed of gelofte .Uiterlijk op de 4 de dag na de dag van binnen treden
moet het verslag aan de
- verlener van de machtiging en de bewoner worden toe gezonden.
Heeft de hOvJ een machtiging af gegeven dan moet hij:
Verslag sturen naar;
- de bewoner
- de hOvJ
- de Ovj
Deze bovengenoemde plaatsen mogen alleen betreden worden bij ontdekking van een SF op heterdaad door een bevoegde
opsporingsambtenaar.
|
bevoegd zijn |
tijdstip |
op welke plaatsen |
voor welke feiten |
|
Opsporingsambtenaren |
aanhouding op heterdaad
|
alle plaatsen (ook
een woning zonder toestemming van de bewoner* Onder de voorwaarden van de
Alg. wet op het binnentreden, legitimeren + doel binnentreden mededelen) |
alle misdrijven en overtredingen |
|
Opsporingsambtenaren Pas op !!
alleen als het optreden van
de (h)Ovj niet kan worden afgewacht. |
aanhouding buiten heterdaad
|
alle plaatsen,
uitgezonderd de drie plaatsen uit art 12 AWBi*** (ook een woning
zonder toestemming van de bewoner* Onder de voorwaarden van de Alg. wet op het
binnentreden, legitimeren + doel binnentreden mededelen) |
feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten en het
opgeven van valse identiteitsgegevens |
|
Burgers |
aanhouding op heterdaad
|
alle plaatsen
uitgezonderd woningen zonder toestemming van de bewoner en de drie plaatsen
uit art 12 AWBI |
Uitsluitend voor misdrijven |
Jeugdige
personen
0 tot en met 11 jaar Deze groep kan niet strafrechtelijk worden vervolgd, wel kan volgens burgerrecht maatregelen worden getroffen.
Het instellen van een opsporingsonderzoek tegen deze groep is wel mogelijk.
12 tot en met 17 jaar zijn strafrechtelijk meerderjarig. Deze groep valt onder het jeugdstrafrecht.
18 jaar en ouder Strafrecht